De MKB-ondernemer zoekt steeds vaker zijn heil in risicokapitaal om groeiplannen te realiseren. Dat blijkt uit een recente enquête van fondswervingonline.nl, een website die bemiddelt tussen ondernemers en kapitaalverstrekkers. Van de 225 ondervraagde ondernemers vertelde 80 procent over te weinig bedrijfskrediet te beschikken en zei 68 procent vanwege de onzekere kredietsituatie geïnteresseerd te zijn in financiering via private equity. Toch zijn er nog veel misvattingen over private equity als financieringsmiddel. Zo zouden private equity investeerders vooral geïnteresseerd zijn in grote bedrijven en niet in het MKB-bedrijf, of zouden ze zich als partner teveel met de bedrijfsvoering bemoeien en met hun voortdurende vraag naar financiële rapportages een blok aan het been van de ondernemer zijn.
Zonde, zo vindt Gideon Rozendaal, accountant bij HLB Schippers. In zijn werk adviseert hij veel ondernemers binnen het MKB, met daarin in het bijzonder oog voor de inzet van private equity. Want juist in deze tijd is het veel moeilijker om aan bankfinanciering te komen voor je groeiplannen en biedt private equity groeikansen aan de ambitieuze ondernemer, zonder de kosten van een door de bank verstrekt krediet. "Het beeld dat in het nieuws ontstaat, is dat het vooral grote bedrijven zijn waarin private equity-partijen willen investeren, ondernemingen met ruwweg meer dan honderd miljoen euro omzet. Maar er zijn ook private equity-partijen, zoals Tinseltown, Active Capital Company B.V. of Milk Strategy & Finance, die kijken naar kleinere ondernemingen", zegt Rozendaal. "Mijn mening is dat dit soort kleinere partijen veel meer hands-on zijn, veel meer samen met het management betrokken bij het creëren van groei. Een mooi en innovatief voorbeeld heb ik gezien bij één van deze partijen, die het idee heeft opgevat om haar pool van investeerders één maal per kwartaal aan tafel te zetten met een ondernemer. Een ongelooflijk leuk concept, en de eerste keer dat ik zoiets hoorde."
Niet graag op voorgrond
De vraag is of MKB-ondernemers voor zichzelf wel genoeg realiseren dat ze interessant zijn voor private equity, stelt Rozendaal. Hij geeft als voorbeeld een ondernemer die een bepaald bedrag nodig heeft om 'internationaal te gaan'. Maar hoe komt hij daaraan? "Juist voor het MKB zijn venture capital-partijen heel interessant. Dat komt ook omdat ze het geld beheren van 'informal investors', die zelf ook niet zo graag op de voorgrond staan. Maar hun portemonnees zitten op dit moment bomvol investeringsgeld, wat mede veroorzaakt is door de onzekerheid op de aandelenmarkt." Zijn er ook ondernemers die vooral niet met private equity in zee moeten gaan? Rozendaal: "Je komt voldoende MKB'ers tegen die alleen een zak geld willen. Die moeten niet aankloppen bij een private equity-partij. Het is met name interessant voor ondernemers die willen groeien door overnames te doen of uit te breiden naar het buitenland en de middelen daarvoor niet hebben."
Risicokapitaal valt dus samen met groeiambities. Rozendaal: "Zonder die ambities zal een private equity-partij er niet in stappen." Maar waarom moet een ondernemer dan niet naar de bank en wel naar een private equity? "Ik zeg altijd: je moet naar alle partijen gaan en alles naast elkaar zetten. Het is alleen wel zo dat banken tegenwoordig minder gemakkelijk leningen afgeven. De overheid stelt dat banken minder risico's mogen nemen. Dit heeft als gevolg dat je een goed product kunt hebben, een goed bedrijf, maar dat de bank nog steeds niet happig is om te investeren. En wanneer je eens een financieringsvoorstel krijgt, is het tegen voorwaarden die je mogelijk niet kunt waar maken. Vanuit het perspectief van de bank is dat begrijpelijk natuurlijk, die wil zijn geld terug of kunnen herfinancieren."
Rollen in zeggenschap
Het gevolg van deze ontwikkelingen is dat de ondernemer sneller bij private equity-partijen aanklopt. Maar dan moet hij zich wel bewust zijn van de rollen in zeggenschap. Rozendaal: "Bij een bankfinanciering betaal je misschien wel veel rente, maar je bepaalt alles zelf. Zelfs als je aan een private equity-partij niet meer dan een minderheidsaandeel weggeeft, kan deze als voorwaarde stellen in de besluitvorming naast je te willen zitten." Bij deze rol zal de investeerder nadrukkelijk zijn eigen belangen bewaken. Want hoe efficiënter de investering gaat lopen, hoe meer waarde je creëert. En wanneer het bedrijf groeit, zal de private equity-partij op zoek gaan naar de uitgang om deze waardestijging te verzilveren. "Zo'n partij is altijd op zoek naar een exit. Dat is ook logisch, want hij wil rendement. Als ondernemer moet je je ervan bewust zijn dat er een exit-moment gaat komen en wat daarvan de gevolgen zijn."
Het is dus niet alleen maar zonneschijn, maar het positieve is dat zowel ondernemer als investeerder op hetzelfde uit zijn, namelijk de onderneming in waarde laten stijgen. Bovendien zijn er nog enkele zaken die doorgaans weinig aandacht krijgen. Zo valt het exit-moment goed in te plannen samen met het exit- moment van de ondernemer zelf, vooral een groot voordeel wanneer er geen directe opvolger in beeld is. Om bij deze pensioenpot te komen kan de DGA samen met private equity-partij een exit-strategie bedenken voor de verkoop van de organisatie. Om de onderneming optimaal verkoopbaar te krijgen, kunnen de partners zich samen richten op een optimale aandeelhouderswaarde en dus ook een optimale pensioenpot. Rozendaal: "En dan levert ook het grote netwerk van potentiele kopers via de private equity-partner veel voordeel op." En dan hebben we het nog niet eens gehad over de kennisinjectie die risicokapitaal met zich mee kan nemen voor de kleinere ondernemer. "In venture capital is een enorme kennis aanwezig over bedrijfsvoering. Zij kunnen een bedrijf doorlichten en de pijnpunten naar bovenbrengen. Vooral bij kleinere bedrijven kan zo'n kennisinjectie veel effect schakeren."
Tekst: Koos Plegt


